Comorbiditeit

Comorbiditeit is het gelijktijdig voorkomen van twee of meer psychische stoornissen of aandoeningen bij dezelfde persoon, wat het diagnostisch proces en de behandelkeuze complexer maakt.
Blob bg 2

Comorbiditeit is in de psychodiagnostiek eerder regel dan uitzondering. Bij een aanzienlijk deel van de cliënten die worden verwezen voor psychologisch onderzoek is het klachtenpatroon niet door één diagnose te verklaren. Het gelijktijdig voorkomen van meerdere stoornissen beïnvloedt zowel de diagnostiek als de behandelkeuze. Voor verwijzers en opdrachtgevers is het van belang om te begrijpen waarom een rapportage soms meerdere classificaties bevat en wat dat betekent voor het vervolg.

Waarom komt het zo vaak voor?

Psychische stoornissen delen regelmatig onderliggende risicofactoren. Genetische kwetsbaarheid, vroege levenservaringen en chronische stress verhogen het risico op meerdere aandoeningen tegelijk. Bij ADHD is in 60-80% van de gevallen sprake van ten minste één bijkomende stoornis, zoals een angststoornis of depressie. Bij autisme komen stemmingsproblemen en angstklachten eveneens frequent voor. Dit patroon maakt breed diagnostisch onderzoek noodzakelijk.

Gevolgen voor het diagnostisch proces

Wanneer meerdere stoornissen gelijktijdig aanwezig zijn, wordt de differentiaaldiagnostiek complexer. De psycholoog moet vaststellen welke klachten bij welke stoornis horen en of er sprake is van overlap. Concentratieproblemen kunnen bijvoorbeeld zowel passen bij ADHD als bij depressie. Alleen door gerichte testafname, een grondige anamnese en eventueel een heteroanamnese kan worden ontward welke diagnoses van toepassing zijn.

De DSM-5 maakt het mogelijk om meerdere classificaties naast elkaar toe te kennen. De rapportage beschrijft dan per diagnose de onderbouwing en geeft aan hoe de stoornissen samenhangen. Dit is relevant voor de behandelaar: een onvolledige diagnostische afweging leidt tot een behandelplan dat maar een deel van de problematiek adresseert.

Voorbeelden uit de praktijk

In de GGZ ziet de verwijzend behandelaar regelmatig combinaties als depressie met een persoonlijkheidsstoornis, ADHD met een angststoornis, of burnout bij iemand met niet eerder gediagnosticeerd autisme. In de arbeidssector kan een werknemer met niet-aangeboren hersenletsel daarnaast stemmingsproblematiek ontwikkelen die het cognitieve herstel belemmert. Het is de taak van de diagnosticus om elk van deze lagen te onderzoeken.

Bij kinderen en jongeren geldt hetzelfde. Angststoornissen komen frequent voor naast ADHD of autisme. Een brede testbatterij die meerdere domeinen dekt, is dan noodzakelijk om het volledige beeld in kaart te brengen.

Meervoudige diagnostiek bij PSYVICE

PSYVICE is als onafhankelijk onderzoeksbureau ingericht op complexe vraagstellingen waarbij meerdere diagnoses in het spel kunnen zijn. De testbatterij wordt afgestemd op de breedte van de vraagstelling, met inzet van COTAN-gevalideerde instrumenten. De rapportage beschrijft alle vastgestelde classificaties en hun onderlinge samenhang. Alle onderzoeken worden uitgevoerd in samenwerking met en ondertekend door een BIG-geregistreerde professional. Neem contact op voor meer informatie.

Toepassingen

Het begrip is relevant wanneer het klachtenpatroon van een cliënt niet door één diagnose te verklaren is. Typische situaties zijn:

  • Een cliënt met zowel ADHD als een angststoornis
  • Depressie in combinatie met een persoonlijkheidsstoornis
  • Burnout met onderliggende autismekenmerken
  • Niet-aangeboren hersenletsel met aansluitende stemmingsproblemen
  • Verstandelijke beperking in combinatie met gedragsproblematiek

Geschikt voor

Alle diagnostische trajecten waarin het klachtenpatroon meervoudig of complex is. Relevant voor verwijzers die een cliënt aanmelden met een samengestelde hulpvraag. Informatief voor opdrachtgevers in de GGZ en arbeidssector die rapportages met meerdere diagnoses ontvangen.

Niet geschikt bij

Situaties waarin een eenduidig klachtenpatroon aanwezig is dat door één classificatie volledig wordt verklaard. Het begrip is niet van toepassing wanneer symptomen van de ene stoornis volledig zijn toe te schrijven aan de andere (dan is er sprake van differentiaaldiagnostiek, niet van comorbiditeit).

Praktijkvoorbeeld

Een 28-jarige vrouw wordt verwezen voor psychodiagnostisch onderzoek vanwege concentratieproblemen en somberheid. Het onderzoek wijst uit dat zij voldoet aan de DSM-5-criteria voor zowel ADHD als een depressieve stoornis. Beide diagnoses verklaren een deel van haar klachten: de concentratieproblemen hangen samen met de ADHD, de somberheid en het energieverlies met de depressie. De rapportage beschrijft hoe beide diagnoses samenhangen en welke gevolgen dit heeft voor de behandelstrategie.

Veelgestelde vragen

Vragen? Hier vind je de antwoorden!

Het begrip verwijst naar het gelijktijdig voorkomen van twee of meer stoornissen bij dezelfde persoon. Iemand kan bijvoorbeeld zowel ADHD als een depressieve stoornis hebben. De stoornissen bestaan naast elkaar en verklaren elk een deel van het klachtenpatroon.

Zeer regelmatig. Onderzoek laat zien dat bij een aanzienlijk deel van de cliënten in de GGZ sprake is van meer dan één classificatie. Bij ADHD is er bijvoorbeeld in circa 60-80% van de gevallen sprake van ten minste één bijkomende stoornis, zoals een angststoornis of depressie.

Differentiaaldiagnostiek betreft het systematisch uitsluiten van alternatieve verklaringen: welke diagnose past het best? Bij comorbiditeit is de conclusie dat meerdere diagnoses tegelijkertijd van toepassing zijn. Het ene sluit het andere niet uit; soms is het resultaat van differentiaaldiagnostiek juist dat er sprake is van comorbiditeit.

Wanneer een bijkomende stoornis wordt gemist, kan de behandeling onvoldoende aanslaan. Een cliënt met depressie die ook ADHD heeft, zal niet voldoende verbeteren als alleen de depressie wordt behandeld. Een volledige diagnostische afweging voorkomt onvolledige behandelplannen.

PSYVICE zet bij complexe vraagstellingen een brede testbatterij in die meerdere domeinen in kaart brengt. De rapportage beschrijft alle vastgestelde classificaties en hun onderlinge samenhang. Elk onderzoek wordt uitgevoerd in samenwerking met en ondertekend door een BIG-geregistreerde professional.

Bronnen & referenties

American Psychiatric Association. (2022). Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, Text Revision (DSM-5-TR). Washington, DC: APA.

Kessler, R.C., et al. (2005). Prevalence, severity, and comorbidity of 12-month DSM-IV disorders. Archives of General Psychiatry, 62(6), 617-627.

Nederlands Instituut van Psychologen (NIP). (2024). Algemene Standaard Testgebruik (AST-NIP 2024). psynip.nl.